Wanneer je in Spanje een mastín-hond tegenkomt, is het belangrijk om een veilige afstand te bewaren. De aanbevolen afstand is minstens 20 meter.
Raak de hond niet aan, voer hem niet en laat hem niet alleen achter buiten zijn terrein. Houd je eigen hond aan de lijn en blijf rustig.
De mastín español is een werkende beschermhond die al eeuwenlang schapen, geiten en koeien tegen roofdieren bewaakt. Hij is geen gezelschapsdier en ziet elke vreemdeling als mogelijke bedreiging.
Op veel wandelpaden staan bordjes met de tekst 'Zona Ganadera', waarop staat dat je de hond niet moet aanraken, niet moet laten volgen, hem niet alleen moet laten en hem geen eten moet geven. Een fietser komt sneller dichterbij, waardoor de hond alerter wordt; daarom is het beter om te voet te lopen.
De mastín verdedigt een kudde in open terrein, niet een huis. Er zijn ook andere mastiffrassen, zoals de Mastín del Pirineo, die op dezelfde manier werken.
In Spanje zijn er nog 333 wolvenroedels, vooral in het noorden; veehouders houden de honden bij de kudde om de wolven te weren. Een mastín is van nature vriendelijk, maar kan uitvallen als een onbekende hond de kudde nadert.
Het ras is een stukje levend cultureel erfgoed.














