Nederlanders en Belgen die hun leven naar het zuiden willen verplaatsen, hebben drie landen op het Iberisch schiereiland om uit te kiezen: Spanje, Portugal en het Pyreneeënstaatje Andorra. Gibraltar blijft een uitzondering.
Spanje en Portugal behoren tot de Europese Unie, waardoor geen visum nodig is. Andorra ligt buiten de EU en stelt eigen eisen aan wie er wil wonen.
De aantrekkingskracht van Zuid-Europa ligt in meer zon, lagere woonlasten en een rustiger tempo. De woningmarkt in Nederland en België blijft voor velen onbereikbaar, waardoor veel mensen de overstap maken.
Op 30 juni 2026 waren er precies 96.581 Nederlanders en 60.084 Belgen met een Spaanse verblijfsvergunning. Dit is echter slechts het aantal met papieren; het werkelijke aantal is hoger.
In een wereldranglijst van beste landen om te wonen staat Spanje op plek 19 en Portugal op plek 21. Spanje scoort hoog op klimaat en voorzieningen: gemiddeld meer dan 2.500 zonuren per jaar, winters mild en gratis zorg in openbare ziekenhuizen. Voor niet‑werkenden of gepensioneerden is de vrijwillige aansluiting bij het publieke zorgstelsel via de convenio especial mogelijk, met maandelijkse kosten van 60 euro onder 65 en 157 euro vanaf 65.
Paperwork kan tijdrovend zijn: een NIE‑nummer, inschrijving bij de gemeente en een verblijfsvergunning zijn noodzakelijk. Bij aankoop van een woning komen 10‑13 % bijkomende kosten bovenop de prijs.
Salarissen in Spanje liggen lager dan in Nederland en België. Als zelfstandige (autónomo) betaal je vaste maandelijkse sociale premies, ongeacht inkomen. Na 183 dagen wordt je fiscaal inwoner met progressieve tarieven van 19 % tot 47 %. De vermogensbelasting verschilt per regio; Madrid en Andalusië bieden ruime vrijstellingen, terwijl Catalonië hogere heffingen heeft.
De kust blijft de favoriete bestemming. In de provincie Alicante zijn 17.908 Nederlanders en 14.216 Belgen officieel ingeschreven. In 15 gemeenten wonen meer buitenlanders dan Spanjaarden; Rojales heeft 68 % buitenlanders. Torrevieja en Orihuela Costa zijn betaalbaar en hebben een grote gemeenschap; Torrevieja telt 575 Nederlanders en 1.575 Belgen. Benidorm, Altea, Calpe, Jávea en Moraira zijn duurder en populair bij wie een mooier zeezicht zoekt. De Costa del Sol rond Málaga, Marbella, Estepona en Fuengirola trekt golfers en gepensioneerden. Steden als Valencia, Málaga en Barcelona spreken vooral jongere gezinnen en thuiswerkers aan.
Portugal trekt minder Nederlanders en Belgen dan Spanje, maar wordt steeds populairder. Het klimaat is mild, het land staat bekend als veilig en de dagelijkse kosten liggen 15 % tot 20 % lager dan in Spanje. Er is geen algemene vermogensbelasting, maar een extra heffing op woningen boven 600.000 euro per persoon.
Als EU‑burger mag je vrij wonen; binnen 90 dagen moet je je inschrijven bij de Câmara Municipal en een NIF aanvragen bij Finanças. Na vijf jaar kun je permanent verblijf aanvragen. In 2025 stegen de vastgoedprijzen in populaire regio’s tot 15 %; een appartement in het centrum van de Algarve kost 1.000 tot 1.300 euro huur per maand. De lage belastingstatus voor nieuwe inwoners bestaat niet meer; de opvolger richt zich op specifieke beroepen.
Andorra telt ongeveer 84.000 inwoners en ligt tussen Spanje en Frankrijk. Je mag er 90 dagen zonder visum blijven; voor langer verblijf is een verblijfsvergunning vereist. De inkomstenbelasting is maximaal 10 %, de btw 4,5 % en er zijn mogelijkheden voor wintersport en zon in de bergen.
Sinds februari 2026 vraagt de passieve verblijfsvergunning voor wie niet werkt een investering van 1 miljoen euro in Andorrese bezittingen, of 400.000 euro via het woningfonds Fons de l’Habitatge. Daarbij komt een niet‑terugbetaalbare bijdrage van 50.000 euro en 12.000 euro per gezinslid. Je moet minstens 90 dagen per jaar in het land verblijven en een particuliere zorgverzekering afsluiten. Voor 2026 zijn er slechts 163 plaatsen beschikbaar. Werken in Andorra vereist een actieve vergunning, een eigen vennootschap en 183 dagen verblijf per jaar.








